Hoe haak je verschillende vormen?

Veel amigurumi zijn opgebouwd uit verschillende vormen. Als je amigurumi wilt maken, is het dus een goede oefening om verschillende vormen te haken. Als je eenmaal weet hoe de verschillende vormen worden opgebouwd, wordt het lezen van amigurumi-patronen een stuk gemakkelijker. Daarom zal ik in een korte blogserie uitleggen hoe je verschillende vormen kan haken.

Maar hoe haak je die verschillende vormen dan? Dat zal ik nu uitleggen. Ik leg het uit voor een kleine cirkel/bal/ovaal, maar als je een grotere versie wilt maken, moet je het ritme vaker herhalen. Als je ziet dat er elke rij 1 steek meer gehaakt wordt op een bepaalde plek, kun je dit herhalen totdat je vorm de juiste grootte heeft. Dit deel wat iedere ronde verandert, heb ik dikgedrukt gemaakt, zodat je goed ziet wat er gebeurt. Als je een grotere of kleinere vorm wilt maken, moet je dit deel dus aanpassen.

De afkortingen die ik gebruik zijn:

  • v (vaste)
  • 2v in vlg v, of 3v in vlg v (2 of 3 vaste in de volgende vaste: meerderen)
  • 2v samen, of 3v samen (haak 2 of 3 vasten samen: minderen)
  • (…) 6x – herhaal hetgeen tussen de haakjes 6 keer
  • […] – hoeveelheid steken

De steken die in deze blog worden gebruikt, worden heel handig uitgelegd op ons YouTube kanaal.

Cirkel

  1. 6v in magische ring
  2. (2v in vlg v) 6x [12]
  3. (2v in vlg v, 1v) 6x [18]
  4. (2v in vlg v, 2v) 6x [24]
  5. (2v in vlg v, 3v) 6x [30]
  6. (2v in vlg v, 4v) 6x [36]
  7. (2v in vlg v, 5v) 6x [42]

Je ziet dat deze donkerroze cirkel niet volledig rond is, maar een beetje zeshoekig. Wil je een perfect ronde cirkel zoals de lichtroze? Lees dan deze blog hierover!

Ovaal

Als je naar een ovaal kijkt, zie je dat het eigenlijk twee halve cirkels zijn, met een recht stuk ertussen. Als je dit rechte stuk langer maakt, zal je ovaal ook langer worden. In dit patroon zal ik het rechte stuk 5 steken lang maken, maar dit kan je aanpassen als je een langere ovaal wilt haken.

  1. haak 6 lossen (5 lossen en 1 keerlosse)
  2. Start in de 2e l vanaf de haaknaald: 5v, 3v in vlg v, 5v, 3v in vlg v [16]
  3. 5v, (2v in vlg v, 1v) 3x, 5v, (2v in vlg v, 1v) 3x [22]
  4. 5v, (2v in vlg v, 2v) 3x, 5v, (2v in vlg v, 2v) 3x [34]
  5. 5v, (2v in vlg v, 3v) 3x, 5v, (2v in vlg v, 3v) 3x [40]

Bal

  1. 6v in magische ring
  2. (2v in vlg v) 6x [12]
  3. (2v in vlg v, 1v) 6x [18]
  4. (2v in vlg v, 2v) 6x [24]
  5. 24v [24]
  6. 24v [24]
  7. 24v [24]
  8. (2v samen, 2v) 6x [18]
  9. (2v samen, 1v) 6x [12]
  10. (2v samen) 6x [6]

Wil je geen ronde bal, maar een wat langere bal? Herhaal dan het deel waar je steeds vasten haakt zonder te meerderen (in mijn geval ronde 5-7) wat langer. Zo krijg je een langere vorm, die je bijvoorbeeld kan gebruiken als arm van een knuffel.

Cilinder

  1. 6v in magische ring
  2. (2v in vlg v) 6x [12]
  3. (2v in vlg v, 1v) 6x [18]
  4. (2v in vlg v, 2v) 6x [24]
  5. Haak enkel in de achterste lussen: 24v [24]
  6. 24v [24]
  7. 24v [24]
  8. Haak enkel in de achterste lussen: (2v samen, 2v) 6x [18]
  9. (2v samen, 1v) 6x [12]
  10. (2v samen) 6x [6]

Ook hier geldt dat je ronde 5-7 langer kan herhalen als je een langere cilinder wilt maken.

En zo zijn er nog veel meer vormen, zoals kegels, vierkanten, kubussen en driehoeken – maar die bewaar ik voor de volgende blog!

Als je een eigen patroon wil maken, probeer dan eens een tekening te maken met alleen maar ballen, cilinders, ovalen en cirkels en je zal zien dat je met deze vormen al een heel eind komt!

Andere blogs

Reacties

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *